Natuurmaatregelen gunstig voor weidevogels



Natuurmaatregelen gunstig voor weidevogels
 
Leuk en aardig, die nieuwe natuurgebieden in de Krimpenerwaard, maar werkt het ook? Krijgen we inderdaad de nieuwe natuur die we wensen? Zijn de aanpassingen in het landschap nuttig voor de weidevogels? Een eerste meting in de Berkenwoudse Driehoek en De Nesse geeft positieve resultaten.
 
Op verzoek van de provincie Zuid-Holland is onderzocht of de nieuwe natuur in de Berkenwoudse Driehoek en De Nesse geschikt is voor weidevogels. Is er genoeg voedsel in de vorm van regenwormen en insecten, en komen weidevogels er inderdaad broeden? Dat is in 2017 en 2018 onderzocht.
 
Veel broedparen
De resultaten zijn positief. In 2018 zaten er van vrijwel alle vogelsoorten meer exemplaren in het natuurgebied dan in 2017. Er broedden 120 paar kieviten, 60 paar grutto’s, 35 paar tureluurs en 30 paar scholeksters. De kuikens groeiden ook goed op. Alle vogelsoorten hebben een voorkeur voor de plekken waar maatregelen zijn genomen en het landschap gevarieerder is geworden, bijvoorbeeld door afgraven.
 
Voldoende voedsel
Er is ook gekeken of de vogels en hun kuikens wel voldoende voedsel zouden kunnen vinden. De aantallen insecten en regenwormen wisselden sterk per locatie, maar hoge dichtheden komen op alle verschillende soorten land voor. Weidevogels hebben daardoor genoeg mogelijkheden om zich te voeden. De grotere variatie in droge en natte plekken is gunstig voor de aanwezigheid van insecten en regenwormen.
 
Lessen
Op basis van deze eerste meting zijn voorzichtige lessen te trekken voor het inrichten van andere natuurgebieden in de Krimpenerwaard. Er komt in de komende jaren nog ruim 1500 hectare natuur bij, waarvan een flink deel bedoeld is voor weidevogels. Het lijkt erop dat inrichtingsmaatregelen als greppels en afgevlakte oevers goed werken. Het rapport beveelt aan om grotere aaneengesloten stukken te maken met plas-dras (nat en vochtig). Met het oog op droge jaren beveelt het rapport aan om te zorgen voor extra natte plekken en/of waterberging.
 
Verder onderzoek
Het waren twee bijzondere jaren die zijn onderzocht. In 2017 werd de laatste hand gelegd aan de aanleg van nieuwe natuur. Het waterpeil was nog niet aangepast. In 2018 was het waterpeil inmiddels verhoogd, maar was tijdens de metingen de extreme droogteperiode al begonnen. De natuur ontwikkelt zich sowieso in deze beginjaren nog sterk.
Verder is in het onderzoek uitsluitend gekeken naar de effecten voor weidevogels. Voor het natuurgebied, waartoe ook Oudeland Zuid hoort, gelden nog meer natuurdoelen, zoals verbetering van de waterkwaliteit en toename van biodiversiteit: meer planten en dieren die hier van nature thuishoren, zoals  dotterbloem, krabbenscheer, ringslang, waterspitsmuis en kamsalamander. Die andere natuurdoelen zijn niet in dit onderzoek meegenomen. Al met al goede redenen om het onderzoek de komende jaren te herhalen en uit te breiden.
 
Nieuwe natuur in de Krimpenerwaard
Het onderzoek werd gehouden in Berkenwoudse Driehoek en De Nesse. Deze polders maken deel uit van 2250 hectare aan nieuwe natuur in de Krimpenerwaard, als onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland. Stichting Het Zuid-Hollands Landschap beheert hier de nieuwe natuur.
Berkenwoudse Driehoek en De Nesse zijn de afgelopen jaren, samen met Oudeland Zuid, omgevormd van agrarisch naar natuurgebied, zo’n 500 hectare in omvang. De omvorming gebeurde onder leiding van het hoogheemraadschap Schieland en de Krimpenerwaard. Het hoogheemraadschap vormt samen met de gemeente Krimpenerwaard de Stuurgroep Veenweiden Krimpenerwaard. Deze Stuurgroep werkt aan vier opgaven: aanleg van nieuwe natuur, duurzaam waterbeheer en het tegengaan van bodemdaling, het versterken van de landbouwstructuur en het benutten van kansen voor recreatie.

De provincie Zuid-Holland moet zorgen voor voldoende natuur en biodiversiteit in de provincie en betaalt de nieuwe natuur. In de Krimpenerwaard gaat het om 95miljoen euro voor aankoop van gronden en inrichting van de 2250 hectare natuur.

Onderwerpen