Verkeersveiligheid bij Gouwe-aquaduct en afrit Gouda beter onderzoeken

MIRT-Verkenning A20 Nieuwerkerk aan den IJssel – Gouda

Verkeersveiligheid bij Gouwe-aquaduct en afrit Gouda beter onderzoeken

De Commissie m.e.r. heeft het milieueffectrapport voor de MIRT-Verkenning A20 Nieuwerkerk aan den IJssel – Gouda beoordeeld. Uit het rapport blijkt onder meer dat de effecten op de verkeersveiligheid tussen het Gouwe-aquaduct en de afrit Gouda onvoldoende zijn bekeken.
De Commissie adviseert het rapport daarom te laten aanpassen.


Het project
De minister van Infrastructuur en Waterstaat wil de doorstroming en verkeersveiligheid verbeteren op de A20 Nieuwerkerk aan den IJssel – Gouda. Ter voorbereiding op het Tracébesluit is een MIRT-Verkenning opgesteld. Deze verkenning vindt plaats in twee stappen. De eerste stap is de keuze voor een voorkeursalternatief. Later wordt dit alternatief verder uitgewerkt. Voordat de minister besluit worden de milieugevolgen onderzocht in een milieueffectrapport. Het milieueffectrapport voor de eerste stap (deel 1) is inmiddels gereed. De minister heeft de Commissie gevraagd dit milieueffectrapport te beoordelen.

Het advies
Het rapport vat de informatie uit de voorgaande onderzoeksfasen en achtergrondrapporten beknopt samen. Een verbreding van de A20 met 3 rijstroken en 5 rijstroken ter hoogte van het Gouwe-aquaduct (A12-A20) in de rijrichting Utrecht heeft de voorkeur. De effecten op de leefomgeving van deze verbreding zijn goed onderzocht. Het is de Commissie echter onduidelijk waarom voor deze oplossing wordt gekozen en waarom andere oplossingen afvallen, zoals het beter benutten van de bestaande parallelwegen.

Deze verbreding van de A20 leidt tot toename van het verkeer en extra weefbewegingen. Ook wordt de vluchtstrook in het aquaduct opgeheven. Hierdoor lijkt het risico op ongevallen tussen knooppunt Gouwe en de afrit Gouda toe te nemen. De Commissie concludeert dat dit in het rapport nog onvoldoende is onderzocht.

De Commissie adviseert daarom de minister om het milieueffectrapport deel 1 op bovenstaande punten te laten aanpassen, zodat zij nog rekening kan houden met deze informatie voordat zij een voorkeursalternatief verder laat uitwerken.
De minister heeft aangegeven dit advies over te nemen en zij zal de Commissie ook vragen de aanvullende informatie te beoordelen. Na ontvangst van deze informatie zal de Commissie een definitief advies opstellen.

Onderwerpen